Gebitsprobleen, onderbeet bij het konijn.

Onderbeet een erfelijke afwijking.

Een te lange onderkaak is een erfelijk probleem bij konijnen.Er komt een genetische afwijking voor waarbij de bovenkaak van het konijn te kort is. Hierdoor lijkt het alsof de onderkaak te lang is, een zogenaamde onderbeet. Op de leeftijd van 8-10 weken zie je meestal de eerste problemen ontstaan.

Bij deze jonge konijnen zie je dat deze afwijking problemen gaat geven. De snijtanden slijten dan niet op elkaar en de tanden zullen doorgroeien. De tanden gaan wonden veroorzaken in het slijmvlies van de bek en het konijn zal uiteindelijk niet meer kunnen eten.

De behandeling.

De behandeling bestaat uit het trekken (extractie) van de snijtanden. Dit kan gelukkig al op jonge leeftijd. Het advies van Dierenkliniek Wilhelminapark is om bij een grote standafwijking van de snijtanden, geen snijtanden bij het konijn te knippen maar om de snijtanden te trekken door middel van een operatie. Het konijnt kan, ondanks dat het niet kan knagen, zich hierna goed redden. Je kan het eten, zoals hooi, in kleine stukjes aanbieden.

Een konijn met een scheve kaakstand.

Af en toe zie je een konijn met kaken die ten opzichte van elkaar scheef staan. De snijtanden kunnen door deze scheve stand niet goed op elkaar afslijten met als gevolg dat ze zullen blijven doorgroeien. Doordat ze doorgroeien zullen er wonden in het slijmvlies van de bek ontstaan. Op het rechter plaatje zie je een toelichting over hoe scheef de onder- en de bovenkaak ten opzichte van elkaar zijn.

Een jong konijn met een scheve stand van de kaken. Een jong konijn met een scheve stand van de kaken.

Bron:dierenkliniekwilhelminapark